Zweefvliegen

Een tijd terug kwam ik op een klus iemand tegen die zijn kamer vol had hangen met posters van vliegtuigen, etc.
Uiteraard begin ik daar een gesprek over. De man (Jan) bleek iemand te zijn die lid is van de Amsterdamse Club Voor Zweefvliegen en is daar instructeur/examinator. Na een tijdje gekletst te hebben over vliegen, etc en mijn interesse daarin, vroeg hij of ik het leuk zou vinden om een dagje mee te gaan vliegen. Daar zeg ik dus geen nee tegen!

Die dag vliegen werd 20 oktober 2007.
Afgesproken was dat ik om 10:00 op vliegbasis Soesterberg zou zijn. Jan zou me bij de poort ophalen.
Aangezien ik altijd te vroeg ben, stond ik dus al om 09:35 voor de deur daar
Nadat ik mijn paspoort had laten zien en gechecked was of ik op de lijst stond mocht ik doorrijden.
Maar waarheen? Ik probeerde Jan te bellen maar die z’n telefoon stond uit. Dan maar wachten.
Om iets na 10-en kwam Jan eraan en reed ik achter hem aan de basis over.

De eerste halte was de hangar waar de club vliegtuigen stonden. De hangar was voor het grootste gedeelte nu leeg, omdat er al wat werd gevlogen en was uitgestald bij de vertrekplaats. Na het bezoek aan de hangar reden we naar de werkplaats, waar het onderhoud aan de vliegtuigen wordt uitgevoerd. Vervolgens ging de tour verder naar het clubhuis.
Nadat ik het clubhuis had gezien, gingen we naar de plek toe waar de vliegtuigen omhoog werden gesleept (gelierd).

Om bij de plek te komen moest je een stuk over een taxibaan rijden, best leuk om dan even het gas in te trappen, daar staan immers geen flitsers. Echter werd er geen gebruik gemaakt van de geasfalteerde weg om te starten, maar van een stuk gras ernaast.
Op het moment dat we aankwamen werd er alleen gelierd.
Lieren is dat er zo’n 1100 meter verderop een vrachtwagen staat met daarop een aantal trommels waar een staalkabel aanvast zit. Deze staalkabels worden door een tractor over het veld uitgesleept en vervolgens aan een vliegtuig vast gemaakt. Door de kabel vervolgens eerst strak te trekken en daarna heel snel op te rollen, wordt het vliegtuig omhoog getrokken (door de snelheid krijgt het druk onder de vleugels (lift) en kan er gevlogen worden).

Na even gekeken te hebben, was het al tijd voor de eerste vlucht! Helaas was er weinig termiek waardoor de vlucht maar zo’n 7 minuten zou duren. Nadat ik een parachute had omgedaan mocht ik voorin gaan zitten. Met de camera stevig in de hand werden we door de lier in een paar seconden omhoog getrokken. Hele aparte gewaarwording. Normaal hoor je de motoren van een vliegtuig opspinnen, hier rol je een klein beetje vooruit en wordt je daarna met een noodgang de lucht in getrokken. Wat nog best stijl gaat ook. In een hoek van 25-30 graden. Bij een passagiersvliegtuig ligt dat rond de 10-15 graden (max 20).

Wat direct opviel is dat je in de cockpit op normale toon een gesprek kunt voeren, het enige dat je verder hoort is de wind, die met zo’n 100-120 km/u langssuist. Harder had gekund als er meer termiek zou zijn. Het uitzicht was erg mooi, je kon ook erg ver kijken. Zo heb ik de skyline van Rotterdam, Den Haag, Hoogovens, Den Bosch, een of andere fabriek in Groningen, de Flevopolder, Hilversum, Utrecht, Amsterdam, Soest, heel veel bos, en nog veel meer erg duidelijk kunnen zien. Jan zei dat ik hier erg veel mazzel mee had want dat het zelden zo helder was.
Hij vond ook dat ik Nederland erg goed kende vanuit de lucht. De landing was ook erg interessant, de kist waarin ik zat had een rem die niet zo heel goed meer werkte. We rolden dus lekker uit op het grasveld. Maakt het wel leuker.

Omdat er geen termiek was, moest er gewacht worden tot dit er wel was. Om toch wat langer te kunnen vliegen werd er ook gebruik gemaakt van een sleepvliegtuig de “Husky”. Deze hebben Jan en ik uit de hangaar gehaald en naar het veld getaxied. Helaas zou het teveel brandstof kosten om met dat ding mee te vliegen na een sleepje. Dus dat heb ik vanaf de grond bekeken. Een sleep kost namelijk geld (enkel de brandstof) en hoe zwaarder de kist, hoe meer brandstof het verbruikt.
Termiek is overigens opgewarmde lucht die van het aardoppervlak stijgt, dit gebruiken zweefvliegers om hoogte te winnen, echter zijn ze niet de enige dit dit doen. Buizerds zijn ook goeie termiek vliegers, die we dan ook tijdens de vluchten tegen kwamen. Termiek is het beste boven een heide/zandvlakte, ook ontstaat termiek boven een bos, maar niet zo goed als boven de heide. Als laatste heb je natuurlijk ook nog open water, maar daar is weer minder goede termiek dan boven bos. De top van de termiek is de onderkant van een (laaghangende)wolk, zo kun je dus termiek herkennen.
Termiek is vaak cylinder (beschuit bus) vormig, vandaar dat zweefvliegtuigen vaak rondjes draaien in de lucht. 1 vleugel hangt dan in deze termiek bel en zorgt voor het stijgen van het vliegtuig. Zonder termiek kun je dus niet zo heel lang in de lucht blijven met een zweefvliegtuig. Al zat ik een een type dat 1 op 50 vloog, wat betekend dat met 1km hoogte het 50km zou duren voordat de kist aan de grond zou staan.

Rond 15:00 was het tijd voor m’n 2e vlucht. Inmiddels was er wat termiek ontstaan en waren er al mensen lekker lang boven. In een club vliegtuig mag je max 1 uur vliegen (tenzij er geen andere gegaardigde zijn). Aangezien het vrij rustig was met mensen die wilde vliegen, waren er lui die wel 2 uur boven bleven. Die kwamen dan even naar beneden om pauze te houden en gingen vervolgens weer terug omhoog.
Voor deze vlucht maakten we gebruik van het sleepvliegtuig om zo tot 700 meter hoogte te komen. Met de lier kom je maar tot 500 meter.
Zelf mocht ik nu ook even vliegen en ik kreeg een compliment dat ik dat best aardig deed voor een eerste keer in een zweefvliegtuig. Zijn al die uren Flight Simulator toch nog ergens goed voor geweest. Wel moest ik leren om naar buiten te kijken, want ik keek teveel op de instrumenten, wat een van de nadelen is van al die uren Flight Simulator.
Toen stelde ik een hele stomme vraag, of je met een zweefvliegtuig ook parabool vluchten kon doen. Dit zijn vluchten die vaak worden gedaan met astronaturen om gewichtloosheid te ervaren. Op de top en dal van zo’n parabool ben je dan heel even gewichtloos. Echter een lekker gevoel in je maag zorgt dit niet voor. Negatieve G-krachten vind ik dus niet fijn. Niet dat ik moest kotsen ofzo, maar een onprettig gevoel in mijn buik kreeg ik hier wel van.
Vervolgens maar rustig verder gevlogen en genoten van het nog steeds mooie uitzicht.
Na zo’n 50 minuten zijn we geland.

We konden eigenlijk direct aan een andere vlucht beginnen, dit keer in een andere kist. Want met deze kon je kunstvliegen.
Na een sleepje tot 1200 meter vroeg Jan of ik wel eens een looping had gedaan in een vliegtuig, ja in Flight Simulator, maar in het echt nog nooit. Of ik dat wel eens wilde meemaken. Natuurlijk! Dus de neus van het vliegtuig ging omlaag om snelheid te winnen (200km/u), vervolgens ging de neus omhoog, verdween de horizon en kwam deze evenlater op z’n kop weer terug. Ontzettend gaaf gevoel! Je wordt eerst lekker in je stoel gedrukt en daarna hang je ondersteboven naar de wereld te kijken. Vervolgens ging de neus van het vliegtuig weer omlaag en keek je loodrecht naar de aarde. Ook erg leuk om te zien. Tenslotte hang je weer horizontaal om je vlucht te vervolgen.
Een andere truc was een Stall-turn. Hierbij maak je een scherpe bocht naar links of rechts, terwijl je de neus omhoog trekt. Dit zorgt ervoor dat het vliegtuig op een gegeven moment z’n voorwaartse beweging stopt en daarmee is ook de druk (lift) onder de vleugels weg. Op het moment dat dat gebeurd, hang je heel even stil in de lucht om vervolgens loodrecht naar de aarde te kletteren.
Na dit een paar keer gedaan te hebben zijn we op een zijwaardse manier geland. Wat je ook wel eens ziet bij Schiphol, dat vliegtuigen schuin komen aanvliegen naar de baan, om op vervolgens het laatste moment recht te trekken, dit om de neus zo lang mogelijk in de wind te houden. Nu was de wind in dit geval geen factor, het ‘fun’ gehalte des te meer!

Na de landing nog even bij de lier gekeken, de vrachtwagen die de kabels naar zich toe trekt. En vervolgens geholpen met het naar de hangar brengen van de vliegtuigen. Daar moesten gelijk de dode vliegen van de vleugels gehaald worden, anders zorgt dit voor een verstoring van de luchtstroom over de vleugels. Als afsluiting (rond 18:30) nog een drankje gedaan in het clubhuis om daarna weer richting huis te gaan.

Het is erg leuk om te doen, weet niet of ik dit wil gaan oppakken als hobby. Daarover twijfel ik nog over.
Helaas zijn alleen aan het einde van het seizoen (Sept/Okt) de try-out abonnementen mogelijk. Je krijgt dan een 10-rittenkaart en kun je dus 10x omhoog met iemand om te kijken of je het echt wat vind. Heb je pech dan vlieg je dus 10x 7 minuten, geluk dan 10x 1 uur. Wellicht dus iets voor volgend jaar.
Qua geld valt het wel mee, zo’n 600-700 euro per jaar. Voor dat bedrag kun je lessen en zovaak als je wil aan de lier omhoog (slepen kost extra). Echter kost het aardig wat tijd, het kan alleen in het weekend en dus laat dat weinig ruimte over voor andere dingen. Ook kan het zo zijn dat er geen of hele slechter termiek is waardoor vliegen niet zo goed gaat en je dus een dag voor niks bent gekomen. Dat is dus iets wat je in het achterhoofd moet houden. Als je dus maar 1x komt dan kost je dat relatief veel, kom je vaker dan wordt het wat voordeliger.

Maar om een keer te gaan doen, zeker een aanrader!

Geef een reactie